1 Inleiding en samenvatting

1.1 Inleiding

 

 

 

 

Net als vorig jaar is de kadernota niet volledig behandeld in de raad.

Alleen over het technisch noodzakelijke deel van kadernota is een besluit genomen zodat er een

“beleidsarme” programmabegroting kon worden opgesteld. De politieke discussie vond niet plaats, er

zijn geen keuzes gemaakt over nieuw beleid en bezuinigingsmaatregelen.

 

De programmabegroting 2016-2019 is opgesteld. Het is een beleidsarme begroting. In de cijfers zijn

de technische uitgangspunten en de autonome ontwikkelen verwerkt. Ook de circulaires over de

verdeling van het gemeentefonds zijn verwerkt. De beleidsarme begroting sluit met een tekort.

 

In deze aanvulling op de programmabegroting 2016-2019 wordt aangegeven hoe tot een meerjarig

sluitende begroting te komen. Elementen uit de kadernota die normaal gesproken voor het

zomerreces worden besproken zijn onderdeel van deze aanvulling. Dit zijn ruimtevragende

maatregelen en bezuinigingsmaatregelen. In hoofdstuk 3 vindt u de uitkomsten. Daarnaast laat

hoofdstuk 2 het geactualiseerde beeld over de Strategische Visie 2020 zien. In hoofdstuk 4 wordt

ingegaan op de weerstandsratio. Zichtbaar wordt in hoeverre wij in staat zijn om financiële risico’s op

te kunnen vangen.

 

1.2 Samenvatting

 

In deze paragraaf worden de uitkomsten van de aanvulling op de programmabegroting 2016-2019

samengevat.

 

Nieuwe bezuinigingen zijn noodzakelijk voor een sluitende begroting

Zoals de beleidsarme begroting al liet zien zijn nieuwe bezuinigingen nodig om tot een meerjarig

sluitende begroting te komen. Oorzaak zijn de herverdeling van middelen uit het gemeentefonds. Den

Helder is een zogenaamde nadeelgemeente. We krijgen structureel minder geld dan voorheen. In

2015 en 2016 ontvangen we hiervoor nog compensatie maar vanaf 2017 moeten we het gat volledig

zelf dichten. Dit is gelukt door een verantwoord pakket van bezuinigingsmaatregelen samen te stellen.

 

Grote taakstelling op de nieuwe taken in sociaal domein (3 D’s)

De inkomsten vanuit het Rijk voor de uitvoering van de nieuwe taken (3D’s) in het sociaal domein

lopen vanaf 2015 naar 2016 terug van €46 miljoen naar €40 miljoen. De terugloop is een gevolg van

de kortingen van het Rijk gecombineerd met de invoering van nieuwe verdeelmodellen. Net als bij het

gemeentefonds zijn wij ook hier nadeelgemeente. Wij hebben als kader gesteld dat de nieuwe taken

binnen deze rijksmiddelen uitgevoerd moeten worden. Veel hangt af van de werkelijke kosten die we

gaan maken in 2015. Het zicht hierop groeit maar is nog onvoldoende om hier harde uitspraken over

te kunnen doen.

Omdat het risico groot is vormen wij een financiële buffer.

 

Weerstandsvermogen ligt op het door de raad gewenste niveau

De weerstandsratio is met 1,27 voldoende. De ratio voldoet aan het door de raad gestelde minimum

van 1,25.

 

  • Een sluitende begroting 2016-2019